WIJZIGINGEN VISSERIJREGELS OKTOBER 2012

(bron: Sportvisserij Nederland)

 

Wijzigingen visserijregels oktober 2012

In oktober 2012 is een aantal belangrijke wijzigingen in werking getreden die de mogelijkheden voor sportvissers flink verruimen. Hierna vind je het volledige overzicht van wijzigingen die voor de sportvisser van belang zijn.

Je kunt het overzicht ook hier downloaden als Infoblad (PDF).

Voorgeschiedenis

In juni 2009 verzocht Sportvisserij Nederland de minister om een aantal wijzigingen in de visserijreglementen. Redenen voor dit verzoek waren onder andere de wens om te komen tot een vermindering van het aantal regels, vereenvoudiging van de regels, veranderingen op het gebied van de visserij, visstand en de waterkwaliteit en het verruimen van de mogelijkheden voor de sportvissers. Ook vanuit de politiek was aangedrongen op aanpassingen.

Belangrijkste wijzigingen

De Europese meerval is uit de Flora- en faunawet gehaald en onder de werking van de Visserijwet 1963 gebracht door deze vissoort op te nemen in bijlage 1 van de Uitvoeringsregeling visserij. Dit betekent dat er nu actief op de meerval mag worden gevist. Om het bestand te beschermen, geldt er wel het hele jaar rond een gesloten tijd (=terugzetplicht) wat is vastgelegd in art. 5c Uitvoeringsregeling visserij. Iedere gevangen Europese meerval moet dus nog steeds direct worden teruggezet.

De gesloten tijd voor het vissen met een worm aan de hengel is geschrapt uit art. 6 Reglement voor de binnenvisserij 1985. Dit is een belangrijke wijziging met name voor wedstrijdvissers die op schubvis vissen omdat sportvissers nu het hele jaar de worm als aas mogen gebruiken.

De regeling voor het nachtvissen is flink verruimd door aanpassing van art. 7 van het Reglement voor de binnenvisserij 1985. Hierdoor is het nachtvissen met de hengel in principe het hele jaar overal toegestaan. Uitgezonderd zijn de 12 gebieden waar het nachtvissen altijd al was verboden. Voor Natura-2000 gebieden wordt het nachtvissen getoetst net als elke activiteit aan de criteria van de Natuurbeschermingswet 1998. Een visrechthebbende maar ook de verhuurder of machtigingverstrekker heeft het recht om het nachtvissen te beperken.

Met de verruiming van de sportvisserijmogelijkheden, hebben visrechthebbenden wel een extra verantwoordelijkheid gekregen. Een goede regulering vanuit de sportvisserij moet eventuele problemen langs de waterkant namelijk voorkomen.  Vanaf 2013 is het nachtvissen in wateren in de nieuwe Gezamenlijke Lijst van Nederlandse Viswateren 2013-2014-2015 alleen toegestaan indien de VISpashouder zelf een nachtvistoestemming heeft. Alle wateren waar met de landelijk geldige Nachtvis¬toestemming ’s nachts gevist mag worden, staan met een nachtvissymbool aangeduid in de nieuwe Gezamenlijke Lijst van Nederlandse Viswateren die vanaf 1 januari 2013 geldig is.

 

 

N.B. het gebruik van een tentje of ander schuil- of kampeermiddel is met deze wijziging niet vrijgegeven. Dit is en blijft de bevoegdheid van de gemeente.

De minister heeft de bevoegdheid gekregen om zelf minimummaten en gesloten tijden voor bepaalde vissoorten vast te stellen. Deze bevoegdheden zijn vastgelegd in art. 1 respectievelijk art. 2 van het Reglement minimummaten en gesloten tijden 1985. De door de minister vastgestelde minimummaten en gesloten tijden zijn vermeld in art. 5b respectievelijk 5c van de Uitvoeringsregeling visserij.

De gesloten tijd (= terugzetplicht) voor snoek liep van 1 maart t/m 30 juni. Deze gesloten tijd is ingekort tot 31 mei (art. 5c Uitvoeringsregeling visserij). Hierdoor loopt de einddatum van de gesloten tijd voor snoek nu gelijk met de gesloten tijd voor het gebruik van slachtproducten, kunstaas, een stukje vis of dood visje én gelijk met de einddatum van de gesloten tijd voor baars en snoekbaars.

N.B. er geldt een vrijstelling van de gesloten tijd voor baars, snoek en snoekbaars vanaf de laatste zaterdag van mei (art. 61 van de Uitvoeringsregeling visserij).

Verder vonden de volgende wijzigingen plaats (art. 5b en 5c Uitvoeringsregeling visserij):

  • voor de elft, fint, kwabaal, serpeling, sneep, vlagzalm en zeeprik is er om verschillende redenen een jaarrond gesloten tijd ingesteld; 
  • voor de rietvoorn en winde is de minimummaten vervallen omdat deze soorten inmiddels algemeen voorkomen (let op: er is nog wel een gesloten tijd voor winde!); 
  • omdat de rivierprik onder de Visserijwet is gebracht (uit de Flora- en faunawet gehaald) mag hier nu actief op worden gevist. Om het bestand te beschermen geldt er voor de rivierprik een gesloten tijd van 1 november t/m 31 januari (trekperiode) en van 1 maart t/m 30 april (paaitijd). Om verwarring met de zeldzame beekprik te voorkomen, geldt er ook een minimummaat van 20 cm. voor de rivierprik; 
  •  de witvingrondel en graskarper zijn onder de Visserijwet gebracht. De nu al geldende beperkingen voor het uitzetten van graskarper (art. 28 en 62 Uitvoeringsregeling visserij) blijven ongewijzigd.
Voor wedstrijdvissers is van belang dat sportvissers ondermaatse baarzen in bezit mogen hebben op voorwaarde dat de vis levend wordt bewaard en wordt teruggezet (art. 7 Reglement minimummaten en gesloten tijden 1985). Deze verruiming maakt het mogelijk om bij wedstrijden ondermaatse baarzen mee te laten tellen. De uitzondering geldt niet voor het IJsselmeer. Hier moeten ondermaatse baarzen dus nog steeds direct worden teruggezet.

Het is nog steeds toegestaan om een aantal baarzen onder de minimummaat in bezit te hebben als deze bestemd zijn als aas. Dit aantal is wel verlaagd van 30 naar 20 (art. 7 Reglement minimummaten en gesloten tijden 1985). Het IJsselmeer is van deze regeling uitgezonderd vanwege de baarsstand en het feit dat op het IJsselmeer beroepsmatig op baars wordt gevist.

In een aantal wateren is het al wettelijk verboden om binnen 75 meter stroomafwaarts van een stuw te vissen dan wel om in of vlakbij een vispassage te vissen (art. 28c Uitvoeringsregeling visserij). Op grond van art. 9 Reglement voor de binnenvisserij 1985 kan de minister nog meer wateren aanwijzen waarin het verboden is om te vissen binnen een bepaalde afstand van vispassages, stuwen, sluizen en gemalen.

Nieuwe regels

Nieuw is dat de minimummaten voor zeevissen ook van toepassing zijn geworden als de betreffende soort wordt gevangen in het binnenwater (art. 1, lid 3 van het Reglement minimummaten en gesloten tijden 1985). Hiermee is de handhaving van het verbod op het bezit van ondermaatse zeevis flink verbeterd.

Er geldt een wettelijk verbod voor sportvissers om hun vis te verkopen (art. 3 Reglement voor de binnenvisserij 1985).